Vaststellingsovereenkomst en finale kwijting

Arbeidsrecht Noord

Vaststellingsovereenkomst en finale kwijting


De beste manier om een arbeidsovereenkomst te beëindigen is met een overeenkomst. Deze heet vaststellingsovereenkomst of beëindigingsovereenkomst. Deze dient er onder meer toe om de uitkeringsrechten van de werknemer veilig te stellen. Met een vaststellingsovereenkomst is direct duidelijk hoe het dienstverband wordt afgerond. Althans, dat zou je denken.

 

Uitkeringsrechten

Een werkgever kan niet garanderen dat een werknemer een uitkering krijgt. Dat komt doordat de werkgever het uwv niet is. Wat een werkgever wel kan doen is ervoor zorgen dat van zijn kant alles in orde is. Als zich geen bijzondere omstandigheden voordoen, kan de werknemer dan met een vaststellingsovereenkomst aanspraak maken op een uitkering. Een zo’n bijzondere omstandigheid is ziekte.

 

Vaststellingsovereenkomst en ziekte

Anders dan op veel sites te lezen is, is het niet verboden om gedurende ziekte in te stemmen met een vaststellingsovereenkomst. Wel gaan uitkeringsrechten dan teniet, behalve als aanvullende maatregelen worden getroffen. Wat die aanvullende maatregelen zijn hangt onder meer af van de vraag of werknemer zich op afzienbare termijn hersteld kan melden. Ook als dat niet het geval is zijn er wel mogelijkheden, maar die hangen sterk af van de casuïstiek. Het is de moeite waard om hierover contact met ons op te nemen. De combinatie ziekte/vaststellingsovereenkomst kan complex zijn, maar er is meer mogelijk dan menigeen denkt.

 

Vaststellingsovereenkomst en ontslag op staande voet

Een (te) veel gebruikte tactiek bij arbeidsrechtadvocaten is ‘eerst schieten, dan praten’: een werknemer wordt op staande voet ontslagen en vervolgens worden de onderhandelingen geopend over een vaststellingsovereenkomst. Echter, onder het nieuwe arbeidsrecht kan de werknemer een vaststellingsovereenkomst binnen twee weken na ondertekening met een eenvoudig briefje ontbinden. Daarmee ontstaat een probleem: als een werknemer gebruik maakt van het recht om de vaststellingsovereenkomst te ontbinden, herleeft dan weer het ontslag op staande voet?

 

In beginsel is dat niet het geval. De vaststellingsovereenkomst beëindigt immers een lopende arbeidsovereenkomst, niet een arbeidsovereenkomst die al door een ontslag tot een einde is gekomen. Toch zal het de bedoeling van de werkgever zijn om als de vaststellingsovereenkomst ontbonden wordt weer terug te kunnen vallen op het op het ontslag op staande voet. Daarbij komt dat er een tijdsdruk is voor werknemer, want de termijn waarbinnen die na een ontslag een procedure aanhangig kan maken is twee maanden. Die termijn kan niet verlengd worden.

 

De meningen over hoe dit op te lossen lopen uiteen van het opstellen van een ‘side-letter’ tot het verbinden van een ontbindende voorwaarde aan de vaststellingsovereenkomst. Ook de termijn voor het aanvechten van het ontslag kan hierbij worden ingezet om het beoogde doel te bereiken. Er valt wel uit te komen, maar omzichtigheid is geboden.

 

Het komt ook voor dat niet werkgever maar juist werknemer de arbeidsovereenkomst eenzijdig beëindigd. Dat is het geval bij opzegging door de werknemer. Als werknemer zijn dienstverband opzegt en vervolgens komt een vaststellingsovereenkomst tot stand, kan hetzelfde probleem ontstaan zoals dat hiervoor is omschreven. Het Gerechtshof heeft eind 2017 geoordeeld over die situatie waarbij de werknemer vervolgens de vaststellingsovereenkomst heeft ontbonden. Het Hof signaleerde een groot aantal procedurele fouten, maar oordeelt dat het ondertekenen van een vaststellingsovereenkomst niet automatisch betekent dat de opzegging van de baan is. Arbeidsrecht Noord is overigens van mening dat de zaak wellicht beter was afgelopen voor werknemer als hij deze op een andere manier had ingestoken.

 

Finale kwijting

Als aan het eind van de vaststellingsovereenkomst staat dat partijen niets meer van elkaar te vorderen hebben, blijft dan het concurrentiebeding in stand? En hoe zit het met het verzilveren van optierechten als daar niets over is afgesproken?

 

Het antwoord op die vragen hangt af van hoe de overeenkomst is geformuleerd en hoe de ondertekenaars dat hadden mogen begrijpen. Als algemene regel geldt dat waar niet over gesproken is, niet onder de finale kwijting valt. Daar valt tegenin te brengen dat de bedoeling van de vaststellingsovereenkomst nu juist was om aan alle mogelijke twistpunten een eind te maken. Hoe de kantonrechter hierover zal oordelen hangt niet alleen af van de formulering van de vaststellingsovereenkomst maar van al hetgeen waar de bedoeling van partijen uit kan blijken, bijvoorbeeld uit gewisselde e-mails. Als hieruit blijkt dat het onderwerp besproken is, is de kans groot dat het onder de finale kwijting valt.